JOODSE CULTUUR EN MAATSCHAPPIJ

Geplaatst op 30 december 2002
Robert wistrich en enkele andere deskundigen bestuderen de demografische aspecten van de naoorlogse joden...
Terms of Survival. The Jewish world since 1945
Robert wistrich en enkele andere deskundigen bestuderen de demografische aspecten van de naoorlogse joden, de economische status van de Amerikaanse joden, hun politieke macht, hun invloed op de Amerikaanse buitenlandse politiek, de minder rooskleurige situatie van hun Russische lotgenoten, het stemgedrag van de joden in Engeland, de godsdienstige strekkingen binnen de Amerikaanse en Israëlische joden, de joodse literatuur, de houding van de katholieke kerk en het antisemitisme in europa na 1945.

De thema"s lopen dus zeer uiteen. Jammer dat de joodse aanwezigheid in de Amerikaanse pers, film en andere media niet besproken wordt. De bijgevoegde statistische tabellen zijn soms nog leerrijker. Enkele voorbeelden: de landen met de grootste joodse bevolking in 1939 en 1988 (p. 17 en 34 ): vooral in Oost-Europa is het ergst gemoord; emigratie uit de Sovjet-Unie: slechts 18 visa tussen 1945 en 1953; 363.000 tussen 1971 en 1989 (p. 76-77); beroepen van joden (123); stemgedrag van de franse joden: vooral Simone Veil was er goed mee (239).

De boeken van Wasserstein (Vanishing diaspora : the Jewish in Europe since 1945 .) en Dershowitz (A world without jews. Is there a future for us ?) klinken minder hoopvol.

Vanishing diaspora: the Jewish in Europe since 1945
Bernard Wasserstein betreurt vooral de daling van het aantal joden in europa: van tien miljoen in 1939 naar vier miljoen in 1945 en naar 1,7 miljoen nu. Als verklaringen ziet hij de vele plaatsen en gebouwen die hen herinneren aan de 2° w.o., het antisemitisme en vooral dan i n Oost-Europa sinds de val van het communisme, de aantrekkingskracht van Israël en vooral van de Verenigde Staten.

A world without jews. Is there a future for us?
Alan Dershowitz is een Amerikaanse jood; hij bespeurt ook daar onzekerheid: de joden zijn er met bijna zes miljoen of met 44 % van hun totaal.

Zoals Wistrich (Terms of Survival. The Jewish world since 1945 ) al aantoonde, stellen ze het materieel gezien goed. De “gevaren" zijn de volgende: weinig geboorten, assimilatie, huwelijken met niet-joden, spanningen tussen godsdienstige en seculiere joden, het verdwijnen van typisch joodse buurten waardoor hun aanwezigheid minder zichtbaar wordt.

De conclusie van Dershowitz luidt: als deze trends zich doorzetten, zullen de amerikaanse joden tegen het midden van de volgende eeuw niet langer bestaan als een afzonderlijke etnische groep.

Will we have Jewish grandchildren?
Jonathan Sacks, opperrabbijn van Groot-Brittannië, sluit zich aan bij deze vrees: de West-Europese joden horen bij de elites in hun land. In Engeland hebben 65 % een hoge functie. 25 % verdient meer dan 2 miljoen bef en zit daarmee in de top-drie-procent. Frankrijk heeft met 530.000 de grootste joodse gemeenschap in West-Europa. 220.000 zijn in de jaren "50 en "60 uit Noord-Afrika gekomen. 42 % van de gezinshoofden behoren tot de hogere kaderleden.

Zowel in Engeland als in Frankrijk zijn ze geneigd zich aan te passen aan de gewoonten en waarden van hun niet-joodse klassengenoten, i.p.v. De ouderlijke tradities te bewaren. Ze trouwen laat en ze hebben kleine gezinnen, in tegenstelling met de orthodoxe joden, die vroeg trouwen om een talrijke kroost te krijgen. Bovendien trouwt al meer dan de helft met niet-joden.

Door emigratie en lage vruchtbaarheid, is de joodse bevolking in Europa gedaald tot haar historisch dieptepunt van 1,7 miljoen. De meesten wonen in of bij de hoofdsteden; in de Europese unie zijn Parijs en Londen goed voor 53 % van de joden. Zij leven daar niet langer in hoofdzakelijk joodse buurten .

Toch zijn er ook hoopvolle signalen: in Parijs is het aantal joodse scholen toegenomen van ca. Tien naar ruim honderd en er zijn minstens zeventig koosjer slagers; in Duitsland is er weer aangroei, door immigratie uit de ex Sovjet-Unie; vele universiteiten hebben een leerstoel “joodse studies"; in Berlijn en München komen nieuwe joodse musea.

Jews , Germany, Memory. A contemporary portrait
Over de joden in Duitsland, de recente immigraties uit Oost-Europa en de belangstelling van de Duitsers voor de joodse geschiedenis en hun massale reizen naar Israël, verscheen trouwens een prachtig fotoalbum van Edward SerottaO. In de jaren tachtig bezocht deze Amerikaanse fotograaf en schrijver de joodse gemeentes in Oost-Europa, daarna reisde hij vijf jaar door het herenigde Duitsland. In 110 sobere, maar kunstige zwart-wit foto"s geeft hij een mooi, soms ontroerend en alleszins bemoedigend beeld van het samenleven van joden en Duitsers.

We kunnen moeilijk een oordeel vellen over de voorspellingen van Wasserstein, Dershowitz en Sacks, maar hun informatie over het beroeps- en dagelijks leven is wel interessant. De auteurs vertellen helaas niet precies in welke bedrijven de joodse managers en stafleden toonaangevend zijn.

We eindigen met twee algemene geschiedenissen(The sacred chain. A history of the Jews. En Het joodse volk. Geschiedenis, godsdienst en levenswijze.), een cultuurgeschiedenis(Joden en Europa. Cultuur-geschiedenis. ) en twee prachtige atlassen(Atlas of Jewish history.en A historical atlas of the Jewish people.).

The sacred chain. A history of the Jews
Norman Cantor draagt zijn werk op aan zijn oom, die op 9 sept. "44 in België sneuvelde in de strijd tegen de Duitsers. Hij legt de nadruk op de godsdienstige en de cultuurhistorische aspecten. Hij begint met het oude testament, waaruit hij geregeld citeert. Hij besteedt ook veel aandacht aan de eerste christenen. Dan trekt hij naar het middeleeuwse Spanje en Portugal, waar zowel moslims als joden een grote bijdrage leverden aan het cultuurpatrimonium. Over Columbus zegt hij dat zijn familie zich tot het christendom bekeerd had en dat hij zeker geen land zocht voor de joden(wat simon wiesenthal ooit beweerde).

Daarna overloopt hij de religieuze stromingen binnen de joodse gemeenschappen in middeleeuwen en nieuwe tijd, het antisemitisme in die eeuwen, de tolerantie en de emancipatie vanaf de verlichting. Deze emancipatie leidde in de eerste decennia van onze eeuw tot een oververtegenwoordiging van de joden aan de universiteiten en in beroepen zoals advocaten, dokters, psychiaters (p. 314). Als reactie hierop werden quota ingevoerd of volgde eliminatie door figuren zoals Stalin en Hitler. Heel het boek door spreekt Cantor zijn waardering uit over prominente joden zoals Spinoza, Marx, Ricardo, Proust, Kafka, Einstein, Freud, Derrida, Trotsky, Rosa Luxemburg, Chomsky, Lévi-Strauss, Bloom en vele anderen. Zelfbewust zegt hij luidop wat velen denken, maar wat niemand kan bewijzen: de joden zijn een superieur volk op intellectueel gebied; maar cantor gaat nog een grote stap verder door zijn uitspraak: “zolang als er joodse genen bestaan", zal de extreem grote invloed van de joden blijven bestaan" (423). Hij begeeft zich op nog gladder ijs, wanneer hij die intellectuele prestaties beperkt tot mannelijke joden (423). In het laatste hoofdstuk over de toekomst van de Israëli"s, levert cantor vinnige kritiek op Arafat (429 ), maar er is geen kritiek te bespeuren op de joodse kolonisten (432) of op het beleid van Israël tegenover de Palestijnen in de bezette gebieden.

Cantor eindigt met een selectieve, maar geannoteerde bibliografie: van elk boek geeft hij een beknopte inhoud en de strekking. Het boek heeft een register, maar geen afbeeldingen, kaarten of tabellen.

Het joodse volk. Geschiedenis, godsdienst en levenswijze
Zygmunt Reich is afkomstig uit Krakau, maar woont al sinds 1927 in Antwerpen. Hij overleefde de nazi-kampen. Zijn boek vertoont qua uitzicht als qua inhoud en strekking veel gelijkenissen met het vorige. Het bestaat uit twee duidelijk onderscheiden delen. Het eerste is de geschiedenis, die hij laat beginnen met de schepping en die zijn eindbestemming moet krijgen in de verlossing door de Messias. Dit historisch overzicht (13-188 ) is beter gestructureerd dan bij cantor, maar het eindigt helaas al in 1945.

Het boeiendste hoofdstuk hieruit is “de diaspora in europa" (132-173). Dit schetst de joodse aanwezigheid en hun indrukwekkende prestaties in een aantal landen, soms al sinds de oudheid, anders sinds de middeleeuwen of nieuwe tijd. Het betreft Frankrijk, Spanje, Polen, Engeland, Nederland. Waarom de (Antwerpse) auteur hier België weggelaten heeft, is mij een raadsel. Deel II is eerder een praktische gids om met joden om te gaan. Reich geeft hier uitleg over de kalender, synagoge, voeding, sabbat, feestdagen, talmoed, mystiek, chassidisme, gebruiken, organisaties, liefdadigheid, opvoeding, veeltaligheid en humor. Ook de rol van de vrouw wordt hier uiteengezet: “ze is de gelijke van de man, maar ze heeft andere taken, nl. De zorg voor het huishouden en de opvoeding van de kinderen" (p. 235). En de verloving gaat nog altijd gepaard met “het vaststellen van de bedragen of voorwerpen, die de bruid als bruidsschat meebrengt. De onderhandelingen hierover worden gevoerd door de ouders van het paar"(236). En nog iets waar buitenstaanders zich aan moeten wennen: “bij religieuze joden bemiddelt een huwelijkskoppelaar(ster), omdat religieuze jongens en meisjes geen omgang hebben met elkaar" (236 ). Om te bewijzen dat ook joodse vrouwen hun mannetje kunnen staan, citeert reich enkele namen(239-241 ), o.a. Koningin Esther (o.t.), Rosa Luxemburg, Golda Meir, Simone Veil, Barbra Streisand, Simone Signoret, Nelly Sachs, Hanna Arendt, Laura Fermi. In een bijlage vertelt Reich zijn eigen oorlogsverhaal. De bibliografie is zestalig, maar zeer selectief en niet altijd up-to-date.

De oude geschiedenis van de joden
Voor Flavius Josephus b.v., de oudste joodse historiograaf, wordt nog de vertaling van 1884 geciteerd (p. 258 ), i.p.v. die uit 1996. De versie uit 1884 is bijna nergens meer te vinden en bovendien niet prettig om te lezen. Meyer en Wes vertaalden in 1992 al het verslag van Flavius Josephus of Jozef Ben Matthias over de opstand van de joden tegen rome (66-70 n.c. ). Nu hebben ze ook zijn omvangrijkste boek, de “oude geschiedenis van de joden", integraal en in vlot Nederlands weergegeven. Het bevat de joodse geschiedenis vanaf de schepping tot bovengenoemde opstand, waarbij de auteur trouwens zelf commandant was in Galilea. Het Israël en het jodendom van nu, de gevoeligheden voor Hebron, Judea(zoals zij zeggen i.p.v. “bezet Cisjordanië" ) en Jeruzalem begrijp je beter als je dit boek gelezen hebt. En dat ga je niet doen met een onvindbare uitgave van 1884.

Joden en Europa. Cultuur-geschiedenis
Het mooiste boek over de joodse cultuurgeschiedenis is dat van twee Spaanse specialisten, Elena Romero Castello en Uriel Macias Kapon. Het sluit aan bij een vroegere df-uitgave “islam en europa" (1992), dat ook in spanje tot stand kwam. De Leuvense professor Dequeker bewerkte het voor het Nederlandstalige publiek, o.a. Door extra plaats in te ruimen voor de geschiedenis van het jodendom in de Nederlanden, m.n. Amsterdam, Vlaanderen en in het bijzonder Antwerpen. De auteurs tonen in hun overzicht van ruim 2.000 jaar geschiedenis aan hoe sterk de joodse cultuur en het joodse ideeëngoed, samen met de Grieken en Romeinen, onze Europese cultuur bepaalden. In chronologische volgorde bestuderen en illustreren ze de joodse aanwezigheid en invloed in Griekenland, Rome, Byzantium, West-Europa, Spanje. Daarbij leggen ze ook de vinger op vele wonden uit het antisemitische verleden: kruistochten, pogroms, Dreyfusaffaire en uiteraard de holocaust. Na het historische gedeelte, dat je in grote lijnen in de meeste handboeken aantreft, volgt een hoofdstuk over riten en gebruiken, de kalender, de keuken en de symbolen. Hier zijn enkele overeenkomsten met Reich. Daarna komen allerlei kunstvormen, die elders ontbreken : bouwkunst, godsdienstige kunst, boek- en schilderkunst, muziek en film. Het literair gedeelte omvat zowel de oudheid en de middeleeuwen als de hedendaagse literatuur, zowel in hebreeuws en Jiddisch als in andere talen. Deze drie hoofdstukken bieden de lezer de kans zich in te leven in het joodse geestesleven, een aspect dat minder bekend is dan het historische en het politieke. Het album eindigt met een verklarende woordenlijst, bibliografie en uitgebreid personenregister. Ik mis een paar zaken: geografische kaarten, economische prestaties, namen van joodse Nobelprijswinnaars. De sterkste kant is de aandacht voor joodse cultuur in de ruimste zin van het woord en de honderden magnifieke kleurenillustraties. Een ideaal geschenkboek dus. De kaarten die we missen in bovengenoemde boeken, krijgen we ruimschoots bij Cohn-Sherbok en Barnavi.

Atlas of Jewish history
Dan Cohn-Sherbok geeft de geschiedenis van de joden weer in ruim honderd kaarten en vijfentwintig prenten. Alle kaarten zijn helaas in zwart-wit; "t heeft één voordeel: je kunt ze gemakkelijk reproduceren voor gebruik in de les. De prenten variëren van foto"s en schilderijen tot miniaturen en antisemitische karikaturen. De kaarten omvatten de periode van ca. 2.000 v.c. Tot 1989: de intifada is dus nog aan de gang, de akkoorden van de jaren "90 ontbreken.

Het verschil met de atlassen van Gilbert (The Routledge atlas of Jewish history) zit vooral in de uitgebreide bindteksten die Cohn-Sherbok erbij voegt: deze nemen meer ruimte in dan de kaarten en prenten.
De atlas eindigt met een bibliografie en een compleet register.

A historical atlas of the Jewish people.
Tot slot dan de mooiste atlas, nl. Die van Eli Barnavi. Zowel de vele reproducties als de kaarten en statistieken zijn in kleuren. Hij overkoepelt de hele wereld: van Amerika tot China en ook alle tijdperken vanaf de patriarchen tot 1994: het Gaza-Jericho-akkoord van mei 1994 is er nog net bij. Je vindt hier ook veel informatie over de joodse aanwezigheid in china vanaf de 8° eeuw en over de joodse migraties naar en vestigingen in Latijns-Amerika vanaf de 16° eeuw. In zijn kleurenpracht en door zijn grote aandacht voor kunst, literatuur, talen, cultuur, filosofie, muziek, godsdienst, feesten en gebruiken vertoont hij veel gelijkenissen met de df-uitgave van Romero(22 ), met dit verschil dat Barnavi ook nog honderden, meestal originele kaarten en statistische tabellen afdrukt.

Zijn atlas is een genot voor het oog, hij completeert perfect de historische werken van cantor en zeich en zorgt voor opluchting na de soms deprimerende lectuur van Wasserstein, Dershowitz en Sachs (Will we have Jewish grandchildren ?).

De bindteksten zijn geschreven door diverse specialisten en zijn in een begrijpelijke taal gesteld. Een verklarende woordenlijst en een compleet register sluiten dit luxueus geschenkboek af. Geziene zijn lage prijs($ 35 ), zouden we het onze “beste koop" durven noemen.

Traditiegetrouw sluiten we af met enkele aanraders: Wasserstein, Sachs, Reich, Romero en Barnavi .

Jef abbeel dec. "96-jan. "97.

De hierboven behandelde werken zijn:

- Robert Wistrich e.a. , Terms of Survival. The Jewish world since 1945. (Londen 1995).
- Bernard Wasserstein, Vanishing diaspora : the Jewish in Europe since 1945 . (Londen 1996).
- Bernard Wasserstein, Het einde van een diaspora. Joden in Europa sinds 1945. (Baarn/Antwerpen 1996).
- Alan Dershowitz, A world without jews. Is there a future for us ? (Boston/Londen 1997).
- Jonathan Sacks, Will we have Jewish grandchildren ? (Ilford 1994).
- Edward Serotta, Jews , Germany, Memory. A contemporary portrait. (Berlijn 1997).
- Edward Serotta, Juden in Deutschland heute. Eine photographische Reise. (Berlijn 1996).
- Norman Cantor, The sacred chain. A history of the Jews. (Londen 1995).
- Zygmunt Reich, Het joodse volk. Geschiedenis, godsdienst en levenswijze. (Antwerpen/Amsterdam 1996).
- Flavius Josephus, De oude geschiedenis van de joden.(Vert. door F. Meijer en M. Wes.) (Baarn/Antwerpen 1996-1997)
- Elena Romero Castello e.a., Joden en Europa. Cultuur-geschiedenis. (Leuven 1996).
- Dan Cohn-Sherbok, Atlas of Jewish history (Londen/New York 1994).
- Eli Barnavi , Juifs , une histoire universelle. (Parijs 1991).
- Eli Barnavi, A historical atlas of the Jewish people. (New York 1994)
Bericht geplaatst in: boekrecensie